Deze pagina in het Nederlands  This page in English

Bedrijvende en lijdende vorm

Een zin kan de bedrijvende of lijdende vorm hebben. Bij de bedrijvende vorm 'doet' het onderwerp van de zin iets. In de lijdende vorm 'ondergaat' het onderwerp van de zin iets.
De bedrijvende en lijdende vorm kunnen in alle grammaticale tijden voorkomen.

Voorbeelden:
- Veel Amsterdammers gaan naar Camping Bakkum. (bedrijvende vorm)
- Camping Bakkum wordt door veel Amsterdammers bezocht. (lijdende vorm)


Bedrijvende vorm

De bedrijvende vorm wordt ook wel de actieve vorm genoemd.

[1] De bedrijvende vorm is de meest voorkomende manier om iets te zeggen.

[2] In de bedrijvende vorm doet het onderwerp iets. Het onderwerp is daarom belangrijker dan het lijdend voorwerp in de zin.




Waar ga je naar toe?
Er klopt helemaal niets van.


Max heeft een Blackberry gekocht.
Dat meisje zag hem niet.


Lijdende vorm

De lijdende vorm wordt ook wel de passieve vorm genoemd.

[1] De lijdende vorm wordt in het Nederlands altijd gemaakt met de hulpwerkwoorden worden of zijn + een voltooid deelwoord.

[2] Als de zin in de onvoltooide tijd staat, is het hulpwerkwoord worden.

[3] Als de zin in de voltooide tijd staat, is het hulpwerkwoord zijn.

[4] In de lijdende vorm ondergaat het onderwerp iets. Dat gebeurt door iemand of iets.
Door mag je weglaten als het onbelangrijk is.




Wanneer wordt het huis verkocht?
Hun huis was volledig afgeband.

Mijn iPad wordt besteld.
Mijn iPad werd besteld.

Mijn iPad is besteld.
Mijn iPad was besteld.


Hij is vandaag door de politie opgepakt.
Hij is vandaag opgepakt.



Meer grammatica:

onderwerp

lijdend voorwerp

hulpwerkwoord

voltooide tijd

onvoltooide tijd

voltooid deelwoord